De ooracupunctuur ( auriculo-therapie ) is een moderne ontwikkeling binnen de acupunctuur
en een zeer geraffineerde wetenschappelijke procedure. De grondlegger is de franse arts Paul Nogier. Via de volksgeneeskunde kwam hij op het idee de oorschelp als therapeutisch medium te gebruiken. Gesteund door spectaculaire resultaten ontwikkelde hij op basis van empirische gegevens ( ondervindingen ) de somato-topie van de oorschelp.

De oorschelp is het reflexgebied van het centrale zenuwstelsel. Door toepassing van ooracupunctuur
hierop is men in staat veranderingen in het functioneren van het centrale zenuwstelsel te induceren.

Zijn concepten werden na de tweede wereldoorlog in tijdschriften gepubliceerd en op acupunctuur congressen gepresenteerd. Chinese delegaties namen de ideëen van Nogier over en introduceerden de ooracupunctuur in de aziatische landen. Daar ontwikkelde zich de ooracupunctuur verder in een richting die we aanduiden met de term " Chinese ooracupunctuur ". Deze kenmerkt zich door eenvoud, een integratie met de lichaams-acupunctuur naar vorm en inhoud en een traditionele methodologie. De ontwikkeling van de ooracupunctuur in het westen is geheel anders. Daar wordt getracht aansluiting te vinden met de westerse geneeskunde, de reflexologie en de informatica.
 

Bovendien streeft de westerse acupunctuur ( Auriculo Mèdècinae ) naar mogelijkheden om de abstract lijkende ideëen van de chinese acupunctuur te concretiseren en te vertalen in westerse principes.

Tenslotte is in vergelijking met de chinese acupunctuur de auriculo-therapie weinig traditioneel, voortdurend in ontwikkeling en bovendien baanbrekend.

 
 



GWSp
eek